Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

De Rode Jeugd

  • rodejeugd vp
    In de tweede helft van de jaren '60 pleegde de Rode Jeugd aanslagen in Eindhoven en elders. Maar een echt terroristische organisatie werd het nooit.

    In 1966, het Nederlandse revolutiejaar waarin babyboomers zich al protesterend politiek meldden, werd in Amsterdam de Rode Jeugd opgericht. Tijdens de Telegraafrellen liet deze radicaal-linkse organisatie, voortgekomen uit de Maoïstische Rode Vlag-beweging, voor het eerst van zich horen. Hoewel vier leden bij deze rellen werden opgepakt was de Rode Jeugd in één klap op de kaart gezet.  

    Met een in eerste instantie vooral onschuldige en ludieke manier van actievoeren protesteerde de Rode Jeugd tegen het kapitalisme. Maar het protest sloeg al snel om in actief verzet. De Rode Jeugd ging zichzelf als de revolutionaire garde bij de aanstaande wereldrevolutie zien. De “harde kern” van deze visie bevond zich in Eindhoven.

    In 1968 werd in Eindhoven een afdeling van de Rode Jeugd opgericht. Hoewel de acties ook hier in eerste instantie vreedzaam waren, sloeg dat om in gewelddadig protest, nadat de politie op een buitenproportionele manier had ingegrepen. De acties richtten zich vooral tegen Philips - de kapitalistische grootmacht - en de politie. Er werden molotovcocktails geworpen, ramen in gegooid en er werd een bom onder de auto van de burgemeester geplaatst. Het grootste wapenfeit was in 1971 toen ’s nachts de auto van de hoofdcommissaris tot ontploffing werd gebracht. Links terrorisme werd dit genoemd, in navolging van de Rote Armee Fraction (RAF) in Duitsland. In Nederland zijn echter nooit doden gevallen, zoals in Duitsland, waar politici, bankiers en industriëlen hun leven niet zeker waren.


    De ideeën rondom gewapende strijd zorgden voor een scheuring binnen de Rode Jeugd. De Amsterdamse afdeling die de Rode Jeugd meer als een organiserende en politiek bewust makende organisatie zag, splitste zich af. De Eindhovense “stadsguerrilla” werd voortgezet. Er ontploften bommen in Eindhoven, Utrecht en Rotterdam, maar toen voorzitter Luciën van Hoessel werd gearresteerd omdat hij materiaal voor het maken van explosieven in huis zou hebben hield de Rode Jeugd op met acties; in 1974 werd de organisatie officieel opgeheven. Toch verenigden veel ex-leden zich in een nieuwe organisatie: de Rode Hulp.

    De Rode Hulp haalde banden aan met onder meer het extreem-linkse Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP). Vijftien leden van de Rode Hulp kregen een militaire guerrillatraining in Jemen, waar ook leden van de RAF aan mee deden. Hoewel dit het begin had kunnen zijn van een “echte” links-terroristische strijd in Nederland deinsden de leden van de Rode Hulp terug. Na de arrestatie van een van hen op een Israëlisch vliegveld (ze kreeg zes jaar cel voor spionage) in 1976 werd zelden meer iets van de organisatie vernomen.

Achtergrond

Terug naar boven