Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

De vrije zaterdag

  • 40uurwerken
    De invoering van de 40-urige werkweek ging gepaard met strijd, maar die liep niet hoog op dankzij de bloeiende naoorlogse economie.

    Maandag tot en met vrijdag werk je, zaterdag en zondag is het weekend. Hoewel deze weekindeling de laatste jaren steeds meer vervaagt, is het weekend voor de meeste Nederlanders nog steeds een aangenaam vooruitzicht. En terwijl zondag natuurlijk al heel lang een rustdag is, werd de vrije zaterdag pas zo’n 55 jaar geleden ingevoerd.

    De vakbonden zetten zich in de jaren ’50 en ‘60 in om betere werkomstandigheden voor arbeiders te regelen. De eerste grote overwinning was de invoering van de AOW in 1956. Deze sociale verzekering zorgde ervoor dat mensen vanaf hun 65e konden stoppen met werken. Maar voordat het zover was moest men 6 dagen in de week aan de bak. Na de oorlog werd er in het kader van economisch herstel veel overgewerkt, voor lage lonen, en de zaterdag was een werkdag. De kinderen gingen op zaterdagmorgen naar school, de volwassenen naar de fabriek of naar kantoor. Toen in de jaren ’50 de economie aantrok wilden de arbeiders daar ook van profiteren. De vakbonden streefden naar een afgebakende werkweek van 5 dagen. De zaterdag moest een vrije dag worden.

    In 1959 werden er voor het eerst cao-afspraken gemaakt voor een 45-urige werkweek. Zo werd er al langzaam toegewerkt naar die vrije zaterdag, die op 23 december 1960 door de handtekening van de katholieke minister-president De Quay officieel werd vastgelegd.

    De vrije zaterdag werd gefaseerd ingevoerd: langzaam werd er afgebouwd tot een 45-urige werkweek; om de twee weken zou iedereen op zaterdag vrij zijn. Al snel werd dat elke zaterdag vrij. Dat wil zeggen, voor fabrieksarbeiders en ambtenaren. Middenstanders en boeren bleven gebonden aan hun 24-uurs economie.


    De invoering verliep relatief makkelijk. Werkgevers werkten graag mee. Ze hadden de arbeiders nodig en wilden hen aan zich binden met goede arbeidersvoorwaarden. Toch betekende het ook grote spanningen voor de arbeidsmarkt; er moest nog steeds veel overgewerkt worden met als enige verschil dat er nu op zaterdag een extra toeslag gold.

    In het algemeen betekende de vrije zaterdag ongekende luxe. Men kon uitslapen, sporten, klussen en winkelen. Om arbeiders een zinvolle vrijetijdsbesteding te verschaffen begon de VARA met de Matinee op de Vrije Zaterdag: betaalbare klassieke concerten. De consumptie steeg en de recreatie bloeide – helemaal toen niet veel later ook school op zaterdagochtend werd afgeschaft.

    Uiteindelijk werd de strijd om de werkweek afgerond in de jaren ’70 met de de 40-urige werkweek en een basisvakantie van 20 dagen.

Achtergrond

Terug naar boven