Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

Domela en de monarchie

  • Domela en de monarchie

    Van leer tegen het Oranjehuis

     

    De vijf K's

    De vijf K’s, dat waren de monsters waar Ferdinand Domela Nieuwenhuis (1846-1919) zijn hele leven tegen streed.  Kerk, Koning, Kapitaal, Kazerne en Kroeg waren de instituties die de verworpenen der aarden in zijn ogen afhielden van een menswaardig bestaan. Wat die tweede K betreft:  In zijn blad Recht voor Allen trok Domela met regelmaat van leer tegen het Oranjehuis. Zo plaatste hij eens een overzicht van de dagindeling van Koning Willem III: een aantal lege pagina’s. (Behalve veelzeggend ook een bewijs van gevoel voor humor, waar Domela verder niet wijds om bekend staat).

    Recht voor Allen publiceerde ook delen uit de brochure Koning Gorilla, waarin de spot werd gedreven met dezelfde monarch. Deze en andere artikelen leidden ertoe dat Domela in 1887 voor een jaar achter de tralies verdween wegens majesteitsschennis.  Het orangistische liedje Nieuwenhuis moet zakjes plakkenstamt uit deze periode, hoewel de socialistenleider in werkelijkheid de tijd in de gevangenis doodde met het in elkaar zetten van stijfseldoosjes.

    1898 was het kroningsjaar van Wilhelmina. Ter gelegenheid daarvan bracht de krant Het Nieuws van de Dag een kloek tweedelig gedenkboek uit, getiteld  Een Halve Eeuw, 1848-1898. Hierin werd de stand van Nederland beschreven voor wat betreft industrie, handel en nijverheid. Domela ergerde zich aan de positieve toon van het werk, en publiceerde – onder pseudoniem, en in exact dezelfde layout – een supplement op het gedenkboek onder de titel Een vergeten hoofdstuk: Blanke Slaven, waarin hij de deplorabele toestand van de arbeiders in Nederland schilderde. Het bedrog werkte: de kranten recenseerden het supplement als een waardevolle aanvulling, totdat uitlekte wie de auteur was. Sommige dagbladen rectificeerden toen zelfs hun recensies.

    Ondanks Domela’s streven bleef de monarchie populair, ook bij grote delen van ‘het gewone volk’. Tijdens de inhuldiging van Wilhelmina verbleef Domela  met zijn gezin in Baarn. Een dronken menigte bestormde zijn verblijfplaats, om hem te dwingen de vlag uit te steken. Domela en zijn vrouw beleefden angstige uren in hun gebarricadeerde woning. In zijn memoires schrijft hij erover:  “Als wij eens gluurden van achter de gordijnen, dan kreeg men medelijden met die arme tobbers, die zich alweer lieten misbruiken door de rijken - daar deze het gelag betaalden - om zich aan te stellen op 'n beestachtige wijze of neen, laat ons de dieren geen onrecht aandoen, deze stellen zich nooit zoo aan, maar zeggen: op een wijze die hen verre verlaagde tot beneden het dier.”

Achtergrond

Terug naar boven