Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

Een vrouw hoort thuis.

  • moedergezin vp
    Mannen verdienen het brood buitenshuis, en de vrouw houdt het gezin op orde. Dat was lange tijd het ideaal in alle gezindten.

    Dat was het motto van veel mannen én vrouwen uit zowel katholieke als socialistische hoek tot ver in de twintigste eeuw. Zij hadden nu eens wél iets gemeen. Beiden betreurden zij dat de gehuwde vrouw, de spil van het gezin, als zij moest werken uit haar 'natuurlijke' rol getrokken werd. Daar moest wat tegen gedaan worden.

    Hadden ongehuwde vrouwen uit de middenklasse vaak een baan in het onderwijs, arbeidersvrouwen waren vooral als dienstbode en in de (textiel)fabriek aan het werk. Dat waren typische ‘vrouwenberoepen’. Tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen zo ongeveer alle gezonde mannen gemobiliseerd waren, werd de arbeidersvrouw aangemoedigd te werken op de plaatsen waar voorheen de vaders, broers en echtgenoten werkten. Zo kwamen zij terecht in ‘mannenfabrieken’ achter draaibanken en grote machines. De grootschalige integratie van vrouwen in de arbeidsmarkt was echter niet van langdurige aard. Althans dat was niet de bedoeling, want toen de oorlog uitgevochten was en de vermoeide soldaten terugkwamen, moesten de vrouwen zich weer terugtrekken.

    Vooral gehuwde vrouwen uit de hogere klassen werden met scheve ogen aangekeken wanneer zij werkten. Tot 1955 werden vrouwelijke ambtenaren bijvoorbeeld nog ‘eervol uit ’s lands dienst ontslagen’ bij hun huwelijk. Fatsoenlijke vrouwen hoorden niet te werken. Daarom ook kwam de katholieke minister Romme in 1937 met een wetsvoorstel om vrouwenarbeid verder te beperken. De vrouwenbeweging voorkwam dat het wetsvoorstel werd doorgevoerd, maar dat lukte maar op het nippertje.

    De luxe om niet te werken hadden arbeidersvrouwen sowieso niet. Het gemiddelde arbeidersgezin kon gewoonweg niet alleen van het loon van de man rondkomen. vrouwen moesten werken om het gezin te onderhouden. Maar het ideaal, ook bij de vrouw uit de arbeidende klasse, bleef dat de zij thuis de zaken op orde hield. Toen Nederland in de jaren vijftig te kampen kreeg met een arbeiderstekort, werd de oplossing dan ook in het buitenland gezocht. Arbeiders werden in het mediterrane gebied geworven ‘om het gezin te beschermen’. Dus om moeders te behoeden voor arbeid, haalden we Italianen naar Nederland. Het liefst ongeschoold en ongehuwd, want dat was voordeliger. Later werd ook in Turkije en Marokko geworven. Toch werd duidelijk dat de gehuwde vrouw altijd noodzakelijk zou zijn op de arbeidsmarkt. Het stigma vervaagde langzaam maar zeker en tegenwoordig streven ook moeders carrières na. Niet zonder moeilijkheden, maar wel vaak met succes.

     

     

Achtergrond

Terug naar boven