Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

Het Plan van de Arbeid

  • planarbeidvp
    In reactie op de economische crisis in de jaren dertig ontwikkelde de SDAP het Plan van de Arbeid. Dit betekende een afscheid van het revolutionair socialisme.

    Aan het einde van de jaren twintig begon een economische crisis die wereldwijd gevoeld werd. Ook in Nederland zorgde de crisis voor werkloosheid, armoede en rellen zoals het Jordaanoproer van 1934. De confessionele regering Colijn had geen antwoord op de crisis. De SDAP daarentegen, riep een wetenschappelijk bureau in het leven dat een plan moest ontwerpen. Een van de medewerkers was Jan Tinbergen, die later de eerste Nobelprijs voor de economie kreeg.

    In 1935 werd het Plan van de Arbeid gepresenteerd. Hierin werd uitgelegd hoe de economie zó veranderd kon worden dat iedereen zeker zou zijn van werk en eten en mensen ‘bestaanszekerheid’ zouden krijgen. Werkverschaffing was geoorloofd, maar wel zo dat de arbeider er beter van zou worden, inclusief scholing en een fatsoenlijke beloning.

    Voor de SDAP onderstreepte het Plan het afscheid van het revolutionair socialisme en de omarming van het parlementair socialisme. Met andere woorden: De partij koos een parlementaire oplossing, ging mee Men verwachtte het heil niet langer van een grote arbeidersrevolutie. Voor veel socialisten was dit een stap terug, die niet voor iedereen makkelijk te accepteren was.

    De presentatie van het Plan op 26 en 27 oktober 1935 door SDAP-voorzitter Koos Vorrink, ging gepaard met flink wat bombarie: vlaggen, muziek en meer. Verder werden in het hele land feestelijke bijeenkomsten en manifestaties georganiseerd. Er was zelfs een Planlied, met de tekst: “Het moet, het kan! Op voor het plan!”. In het promoten hiervan gebruikten sociaaldemocraten voor het eerst propagandatechnieken: manieren om de grote massa te bereiken en aan te spreken. Hier hadden sommige SDAP-denkers wel kritiek op: zij vonden het lijken op de methodes van het ‘grootkapitaal’, de rijken, hun tegenstanders. Volgens Jacques de Kadt waren het dan ook ‘goedkope massa-effecten’ en ‘flauwekul’. Het paste niet bij de serieusheid van de doelen van de arbeidersbeweging. Hij en anderen vonden dat je niet op de emoties van mensen moest mikken, maar op de rede.

    Ondanks de kritiek waren de meeste socialisten enthousiast. De rest van de politiek was dat niet. Pas na afloop van de Tweede Wereldoorlog vonden ideeën uit het Plan van de Arbeid hun weg naar Haags beleid..

Achtergrond

Terug naar boven