Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

Koninklijke Goedkeuring

  • konbesluitvp
    In de negentiende eeuw moest men Koninklijke Goedkeuring ontvangen om als vereniging een rechtspersoonlijkheid te verkrijgen, iets wat de SDB niet gelijk lukte.

    Waar een vereniging zich tegenwoordig vrij eenvoudig bij de Kamer van Koophandel kan laten inschrijven, was dit zo’n honderdvijftig jaar geleden iets lastiger. Vanaf 22 april 1855 moest elke vereniging Koninklijke goedkeuring hebben om de zogeheten rechtspersoonlijkheid te verkrijgen. Zonder rechtspersoonlijkheid mocht een vereniging bijvoorbeeld geen gebouw huren. Een vereniging moest voor Koninklijke goedkeuring aan een aantal voorwaarden voldoen: “de vereniging moest leden hebben, zij moest een zedelijk, dat wil zeggen niet-materieel doel hebben, en zij mocht niet in strijd zijn met de openbare orde”.

    Als verenigingen de Koninklijke goedkeuring wilden verkrijgen, moesten zij een verzoekschrift met daarbij de verenigingsstatuten naar de Koning sturen. Deze stukken kwamen vervolgens bij het zogeheten ‘Kabinet des Konings’ terecht. Dit kabinet liet vervolgens de verzoekschriften inhoudelijk behandelen door het Ministerie van Justitie. Pas als de stukken door het ministerie werden goedgekeurd, kreeg de vereniging rechtspersoonlijkheid. Deze procedure was niet eenvoudig: vaak werden verzoekschriften door het ministerie teruggestuurd omdat ze niet aan alle formele eisen voldeden.

    De Koninklijke goedkeuring werd uiteindelijk niet vaak geweigerd. Als een vereniging werd afgewezen, gebeurde dit meestal omdat deze een materiële doelstelling had. Maar zelden werd een vereniging geweigerd omdat die in strijd met de openbare orde zou zijn. De Sociaal Democratische Bond werd in 1884 wel om deze reden afgewezen. Daarom mocht het  bestuur in 1885 het huurcontract voor het Volkspark in Amsterdam niet tekenen. In plaats daarvan moest de voorzitter van de bond, Jan Fortuyn, op persoonlijke titel zijn handtekening onder het contract zetten.

    De socialisten waren principieel tegen de zogeheten vijf K’s: Kerk, Kapitaal, Kazerne, Kroeg en Koning. Het is dus wel ironisch te noemen dat de Sociaal Democratische Bond, die zo fel tegen het koningshuis was, wel Koninklijke goedkeuring nodig had om rechtspersoonlijkheid te worden. De bond moest dus even zijn (anti-monarchistische) principes opzij zetten toen ze in 1884 om Koninklijke goedkeuring vroeg. Deze kregen ze vervolgens niet. De bond maakte van de nood een deugd door op hun briefpapier “Sociaal-Demokratische Bond in Nederland (Niet goedgekeurd bij Kon. Besluit  van 23 maart 1884)” af te drukken. Het toonde in ieder geval aan dat de SDB een socialistische bond in hart en nieren was. 

Achtergrond

Terug naar boven