Was te zien bij de VARA op

Was te zien bij de VARA op

Worstenvelletjes

  • ANJV vp
    Ernst Schilp

    Mijn oma kwam uit een gezin met elf kinderen. Toen ze 11 jaar was is haar moeder verdwenen. Aangezien zij de enig overgebleven ‘vrouw’ in huis was, kreeg zij de moederrol toebedeeld, ondanks dat zij de jongste van allemaal was. Haar vader zoop, slechts twee van haar broers werkten. Zij is op haar 18e getrouwd met mijn opa en ze zwoeren dat ze geen kinderen op de wereld zouden zetten. Het zijn er toch drie geworden. Die overigens met heel veel liefde en zorg zijn opgevoed en grootgebracht.

    Oma en opa gebruikten wel degelijk voorbehoedmiddelen. Een purgeerapparaat stond open en bloot op een plankje in hun badcelletje. Toen ik klein was werd mij verteld dat dat gebruikt werd omdat ‘vrouwen zich elke dag van binnen moeten schoonmaken’. Ik was tevreden met die uitleg, het klonk logisch.

    Mijn eigen ouders gebruikten van alles. Pessarium, purgateur, ‘voor het zingen de kerk uit’ en condooms. Die haalden ze bij de huisarts, daar waren ze goedkoper. Later bij de NVSH. Bij de drogist waren ze peperduur. Bovendien gingen er cowboy-verhalen rond, dat de drogist, als je ze op de pof kocht, ze stiekem lek prikte. (Iedereen kocht tegen het eind van de week alles op de pof, het loon kwam pas op vrijdag.) Toch kregen ze vijf kinderen, van wie ik de oudste ben. En wij waren alle vijf toch altijd weer hartelijk welkom als we ons aandienden.

    Die condooms werden meerdere malen gebruikt en telkens afgewassen en te drogen gehangen. We waren erg klein behuisd, dus dat ging in alle openheid. Toen ik zes was kreeg ik al uitgebreid seksuele voorlichting. Een oom en tante van mij hingen ze tijdens de zomervakanties te drogen naast hun grote wit-linnen tent. Niemand nam er aanstoot aan. Iedereen die daar kampeerde had min of meer dezelfde achtergrond: het ANJV (Algemeen Nederlandsch Jeugd Verbond), een voor die tijd erg progressieve arbeiders-jeugdbeweging. De beheerder van het kampeerterrein, een Veluwse, streng gereformeerde herenboer, die elke maandagmorgen het staangeld kwam halen, vroeg eens aan mijn tante hoe de worsten smaakten. Hij had géén benul. Hij dacht serieus dat er worsten mee gemaakt werden.

Achtergrond

Terug naar boven